Elkaar in de ogen durven kijken
- elisabet82
- 7 dagen geleden
- 5 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 5 dagen geleden
Door Fons Van Dyck
Het kan toevallig gebeuren of ook heel intentioneel: elkaar diep in de ogen kijken. Soms lukt dat mensen maar een vluchtige paar seconden. Geliefden houden het makkelijk vol. Elkaar in de ogen kijken is een uitdaging en tegelijk uitdagend. Tijdens een gesprek zouden we ongeveer 60 procent van de tijd oogcontact moeten houden, een paar seconden kijken, en dan even wegkijken om niet bedreigend over te komen. Wie elkaar in de ogen kijkt, maakt de onderlinge intenties duidelijk. Ogen liegen niet. Als het echt lukt, kun je bij de andere mens binnenkijken en de emoties voelen.

In 2016, in de nasleep van de Syrische vluchtelingencrisis, maakte Amnesty International de video Look Beyond Borders. Die video is gebaseerd op de theorie ontwikkeld door psycholoog Arthur Aron, dat vier minuten ononderbroken oogcontact de intimiteit vergroot. Amnesty International paste de theorie toe op de vluchtelingencrisis, door vluchtelingen uit Syrië en Somalië tegenover mensen uit België, Italië, Duitsland, Polen en het Verenigd Koninkrijk te plaatsen. De video is hieronder te zien. De stille vier minuten in de ogen kijken zijn genoeg om nadien nooit meer weg te kijken.
"Zou het niet goed zijn om regelmatig elkaar eens in de ogen te durven kijken, een praatje te slaan of gewoon 'goeiedag' zeggen tegen een onbekende?"
Elkaar in de ogen blijven kijken gaat over een grens slechten, over volhouden, over aanwezig zijn, in het hier en nu, en over echt contact maken. Zouden we ons opnieuw wat meer met elkaar verbonden voelen, als we elkaar wat vaker recht in de ogen durven kijken, vraag ik me af bij het bekijken van dit experiment. Want het is toch een van de meest paradoxale vaststellingen uit mijn eigen onderzoek: we vinden dat de meeste mensen deugen, we betreuren dat solidariteit verloren gaat en dat we overgeleverd zijn aan extreme polarisering, maar zelden zijn we zo wantrouwig geweest tegenover mensen in onze directe omgeving: buren, collega’s, leerkrachten. Zou het dan niet goed zijn – de gedachte van vele kleine handelingen kunnen een groot verschil maken – om regelmatig elkaar eens in de ogen te durven kijken, een praatje te slaan, hoe banaal het onderwerp ook mag zijn, of waarom niet, gewoon even ‘goeiedag’ zeggen tegen een onbekende die je dagelijkse pad kruist. Je zal verbaasd zijn hoe goed zoiets doet.
"Het ontwijken van de blik van de medemens is het begin van alle geweld."
Het doet me denken aan de levensles die ik op de middelbare school meekreeg toen we kennismaakten met de inzichten van de filosoof Emmanuel Levinas. Deze Frans-Joodse filosoof van Litouwse komaf, wordt al aan het begin van de Tweede Wereldoorlog in een Duits werkkamp gevangengezet. Vooral door zijn talenkennis als tolk blijft hij in leven, maar vrijwel zijn hele familie ontkomt niet aan het, zoals hij het noemt, ‘Hitleriaanse geweld’. Aan de fysieke beperking van vrijheid in krijgsgevangenschap gaat dus, volgens Levinas, een fundamentele vorm van geweld vooraf: het ontwijken van de blik van de ander, de ontkenning van het gelaat (‘l’épiphanie du visage’). Voor Levinas is precies het ontwijken van de blik van de medemens het begin van alle geweld. In het essay Vrijheid en gebod uit 1969 schrijft hij: ‘Gewelddadigheid en tirannie worden gekenmerkt door het feit dat ze datgene wat ze behandelen, niet in de ogen zien; of om het nauwkeuriger te zeggen: door het feit dat ze er helemaal geen gezicht aan ontdekken.’ En even later concludeert hij: ‘Ik ben pas vrij in het gelaat van de Ander.’[i]
"Praten, met elkaar in dialoog gaan, ontzenuwt spanningen en werkt bevrijdend."
Omdat het zo belangrijk is dat we met elkaar blijven praten, zijn de initiatieven die ons daartoe prikkelen en de ruimtes waarin we daar zelf toe komen, zo ontzettend belangrijk. We moeten die momenten actief creëren, opzoeken en daar gebruik van maken. Ik denk niet enkel aan de treincoupé, de leesclub, of de zondagse wachtrij bij de bakker, maar ook aan grootschaligere, meer structurele initiatieven zoals Duitsland Spricht uit 2017/2018.

Het idee ontstond bij de krant Die Zeit Online en was bedoeld als een voortraject naar de parlementsverkiezingen in 2017.
In juni 2017 kwamen 1200 Duisters met de meest diverse achtergronden samen om per twee (!) te discussiëren over belangrijke waarden en hoe de politiek Duitsland moest vormgeven. Wanneer we elkaar spreken en inzicht krijgen in elkaars waarden en waarom we in een debat een bepaalde positie innemen en verdedigen, en elkaars beweegredenen zo leren kennen, neemt ook het wederzijdse vertrouwen toe. Belangrijk: het gaat om elkaars standpunten beter te leren kennen, eerder dan te werken aan één groot maatschappelijk project. Praten, met elkaar in dialoog gaan, ontzenuwt spanningen en werkt bevrijdend. Woorden zijn het voorportaal van het handelen, wist de voormalige Duitse kanselier, Angela Merkel.
Zou het de wereld niet een betere plek maken, en onszelf minder angstig maken, als we met elkaar blijven praten, dialogeren, overleggen, eerder dan wanhopig onze toevlucht te zoeken tot een autoritaire leider die de democratie buitenspel zet? Ook al lopen de visies en de waarden ver uit elkaar, en kunnen die weleens botsen met elkaar, dan nog lijkt een flinke discussie mij veel gezonder dan ons te vergrijpen aan haatspraak en fysiek geweld. Ook woorden kunnen kogels zijn. En als we niet kiezen voor een ander systeem (een revolutie), maar voor een systeemverandering (een evolutie), dan is er ook absoluut behoefte aan een nieuw sociaal contract tussen alle belanghebbenden in onze samenleving, een maatschappelijk pact met nieuwe afspraken over rechten en plichten, over vrijheden en verantwoordelijkheden, over herverdeling van rijkdom, macht en kennis, en natuurlijk over welke gezamenlijke toekomst we met z'n allen willen bouwen. De toekomst is immers gezamenlijk en zal voortkomen uit het gezamenlijk doen.
En wie zeker elkaar wat meer in de ogen moet kijken, zijn de leiders van deze wereld. Zeker op dit kantelmoment in de geschiedenis, waarop de spanningen hoog oplopen en de zenuwen gieren door de ‘powerhouses’ in Washington, Bejing of Brussel (en reken er vandaag ook Moskou bij), is blijven praten en overleggen beter dan naar de wapens te grijpen.

Misschien groeit in de coulissen van het wereldtoneel langzaam het inzicht dat we deze wereld best samen, in onderling overleg en samenspraak, kunnen ordenen, voor de permacrisis uitmondt in een nieuwe wereldbrand. We moeten meer dan ooit leren uit de geschiedenis en we mogen de hoop en de ambitie nooit opgeven om het anders en beter te doen. De klok tikt. Van Oekraïne tot Gaza.
Dit is een licht bewerkte tekst uit mijn boek ‘De toekomst is terug. Een oproep om ons leven in handen te nemen’, verschenen bij Pelckmans, verkrijgbaar in de betere boekhandel en online.



